Dag lezer, dag ander mens!
Je jeugdherinneringen opschrijven. Dat is alsof je even
buiten de stad, stilstaand op een landweg , het leven beschouwt dat zich
daar
heeft afgespeeld. Dat lijkt op afscheid. Op afstand nemen.
Maar
ook op vastleggen voor de komende generaties van wat jouw leven tot nu
toe bood. Dat nu niet doen, is als het bruut afzagen van de tak waarop
je jouw hele leven gezeten hebt. Dat zou ik niet kunnen. Het heden wordt
daarbij, hoop ik, nog interessanter dan ooit in die al lang vervlogen
tijd. Als ik lang naar mezelf kijk en zie hoe ik vroeger was, dan is
‘t nu het moment, waarop het me lukken gaat de dingen te noteren. Dan
word ik als vanzelf mijn eigen publiek.
Wanneer ik schrijf, word ik me bewuster van die voorbije
werkelijkheid. Dan denk ik in grafische voorstellingen. Beelden die
zelfs zo compleet zijn dat ik mezelf ook als kind daarin herken. Dan ben
ik weer even terug in het kinderparadijs! Die tijd lijkt achteraf gezien
veel emotioneler en haast dichterbij, dan die van vandaag. Wat waren wij
rijk aan emotie! En zeker niet armer van geest. Eerder minder rationeel.
Alsof ik weer meekijk dus, wat eigenlijk niet kan, omdat ik er deel van
uitmaakte en dus nooit toeschouwer geweest kán zijn. Het is nu meer
dromend, zo van fijn bij de kachel zitten, handenwrijvend terwijl het
buiten koud is. Mijn herinnering vraagt echter om compleetheid van het
verhaal.
Zo zie ik mezelf, mijn ouderlijk gezin, de hele familie
en iedereen die ik ooit tegenkwam, opnieuw gaan langs de al eerder
gelopen paden. Met stijgende onrust voel ik de drang om alles op te
schrijven. Gedachten daaraan kunnen me soms dagenlang voor de voeten
lopen. Maar dan, moeten ze er uit! Woorden die, wanneer ik even begonnen
ben nog meer en van alle kanten als vanzelf komen aanlopen. Waar is die
wereld gebleven! Hoe meer ik schrijf, hoe méér ik de lens kan
scherpstellen. Hoe meer de dingen van vroeger dichterbij komen. Hoe meer
herinnering, hoe méér ik zelf eigenaar word van wat ik heb beleefd!
Niet dat je dingen over kunt doen zoals ze waren.
Een Vlaams gezegde luidt: "Alleen een ezel kan twee
keer verliefd worden op hetzelfde paard!" Nee, je kunt je verleden
niet als muziek nog eens afspelen. De plaatjes uit het prentenboek van
mijn geheugen gelden alleen voor mij. Ook al kan ik ze soms met mijn
familie delen, alles krijgt weer een nieuwe glans en kan opgepoetst weer
verder. Ik heb mijn verhaal aan mijn familie voorgelegd. "Wat
onthoud jij veel!", was hun antwoord. "Och, het komt
vanzelf," zei ik, "als je maar wilt".
Ik schrijf niet alleen voor het nageslacht dus. Maar om
te delen met de lezer die er de eigen ervaringen mee kan vergelijken of
die er naar keuze aan toe kan voegen. Alleen onze eigen verhalen
versterken de geloofwaardigheid van de herinneringen. Onze herinnering
is immers het enige paradijs waaruit we niet verdreven kunnen worden!